Compagnies Erfgoed

Andries Beeckman Kasteel van Batavia circa 1661

Erfgoed van de Verenigde Oostindische Compagnie

Voorbeelden van Compagnies Erfgoed zijn onder andere architectuur, cartografie, meubels, voorwerpen van hout, zilver of ander  materiaal. Eveneens schilder- en tekenkunst. Maar ook reisverhalen, gedichten en egodocumenten zoals brieven. De makers van dit alles waren in dienst van de VOC.

Van Compagnies erfgoed naar Indisch en Moluks erfgoed

Met de stichting van Batavia staan de gebouwen en de bewoners aan de basis van wat nu Compagnies Erfgoed wordt genoemd.

Eigenlijk zou je mogen zeggen dat het erfgoed van de VOC aan de basis heeft gestaan van wat Zuiderweg Erfgoed als Indisch & Moluks Erfgoed beschouwt.

Stichting en naamgeving

Op 30 mei 1619 stichtte Jan Pietersz. Coen de hoofdstad van de Verenigde Oostindische Compagnie in Oost-Indië. Voordat de VOC zich er vestigde, was de grond eigendom van pangeran of vorst Wijadjakrama  (Tubagus Sungerasa JayawikartaWijayakrama).

Hoewel Coen zijn verovering Nieuw-Hoorn wilde noemen, naar zijn geboorteplaats, hadden de Heren Zeventien andere plannen. Deze bestuurders van de VOC vonden namelijk Batavia een toepasselijker naam. Ze vergeleken de bewoners van hun Oost-Indische hoofdstad met de vrije Batavieren die zich indertijd in Holland hadden gevestigd. Ze schreven hun besluit op 11 mei 1620 aan Jan Pietersz. Coen.

Opbouw

Vrij snel na de verovering waren Chinese bouwlieden begonnen met de opbouw van Batavia. Bij gebrek aan vaderlandse arbeiders in Batavia had Coen hen aangenomen.

Eerst sloopten deze Chinese bouwvakkers de twee handelsloges die Hollandse handelaren indertijd lieten bouwen. Vervolgens bouwden ze een kasteel met diverse bijgebouwen en pakhuizen. De vier bastions of bolwerken van het kasteel werden naar edelstenen vernoemd. De bolwerken naar het zuiden werden diamant en saffier genoemd en die naar het noorden parel en saffier naar het noorden. Dankzij het bastion parel dat vanaf de zee te zien was, kreeg Batavia de bijnaam ‘de parel van het Oosten’.

In het Kasteel waren de woon- en werkvertrekken van de gouverneur-generaal en de andere bestuurders.

Joan Nieuhof die in Batavia heeft gewoond, tekende de belangrijkste gebouwen van de stad. Ze zijn afgedrukt in zijn boek Gedenkwaerdige Zee- en lantreizen (1682). Zoals we hierboven reeds lazen, horen reisverhalen tot het Compagnies erfgoed.

goeverneurs-huys-kasteel
Joan Nieuhof Kasteel, 1682 (Atlas van der Hagen deel 4 Koninklijke Bibliotheek)

Vervolgens bouwden de Chinese arbeiders een stadsmuur met toegangspoorten. Op de oostelijke en westelijke oever van de Tjiliwoeng (Ciliwung) groeven ze grachten voor de verbetering van de waterhuishouding. Daarna legden ze straten aan. De bomen langs de grachten dienden om het zonlicht te filteren. De gekanaliseerde Tjiliwoeng kreeg de naam Grote Rivier of Kali Besar.

Op de onderstaande kaart is het noorden links gesitueerd. En vervolgens met de klok mee: het westen, zuiden en oosten. Kaarten van Batavia maken bovendien deel uit van Compagnies erfgoed.

kaart-batavia-1681-compagenies-erfgoed
Batavia in 1681 (Wikipedia.org)

Andere gebouwen

In de loop der tijd liet de VOC een stadhuis, kerken, ziekenhuizen, een weeshuis en een spinhuis bouwen.

Een aantal bestuurlijke taken was ondergebracht in het stadhuis dat in het oostelijk stadsdeel was gebouwd naar voorbeeld van het Paleis op de Dam in Amsterdam. In de kelder van het stadhuis was de gevangenis.

Als de raad van justitie vond dat een vrouw zich had misdragen, moest ze verplicht naar het spinhuis verhuizen. Een enkele keer liet een echtgenoot zijn vrouw in het spinhuis opsluiten.

De bewoners van het Kasteel bezochten de kerk op het kasteelterrein. Later kerkten ze bij de kerk op de Tijgersgracht en de Grote Rivier. Deze kerk was naar voorbeeld van de Noorderkerk in Amsterdam gebouwd. Vanwege haar vorm werd deze kerk weldra Kruiskerk genoemd.

kruiskerk-compagnies-erfgoed
Joan Nieuhof Kruiskerk, 1682 (Atlas Van der Hagen deel 4 Koninklijke Bibliotheek)

Omdat deze kerk een eeuw later in zo’n slechte staat was, moest die worden afgebroken. Later werd op deze locatie een nieuwe kerk gebouwd, die de Grote Kerk werd genoemd

grote-kerk-in-batavia-getekend-door-Johanne-rach-1769
Johannes Rach Grote Kerk, 1769 (Rijksmuseum)

Binnen de stadsmuren stond de Portugese Binnenkerk, en buiten de stadsmuren de Portugese Buitenkerk. In beide kerken preekten vaderlandse predikanten in het Portugees, omdat deze taal in Batavia vaker werd gesproken dan hetNederlands.

Nog net binnen de stadsmuur stond in het zuiden van de stad het Compagnies Hospitaal. Voornamelijk bestemd voor soldaten, matrozen en ander Compageniespersoneel met venerische ziektes. De Chinese inwoners van Batavia hadden een eigen ziekenhuis op de Spinhuisgracht in het westelijk stadsdeel.

Smeltkroes

In Batavia woonden behalve het personeel van de VOC ook Chinezen, Molukkers, Japanners, Arabieren en vrije slaven of Mardijkers. Maar ook Javanen en de voormalige bewoners van bijvoorbeeld Sumatra, Bali en Celebes (Sulawesi). Bovendien waren er ook slaven. Op straat klonken veel verschillende talen. Ook deze bewoners vormden samen het Compagnies erfgoed.

Batavia was een smeltkroes van culturen zoals te zien is op de tekening van de schilder en schrijver van reisverhalen Cornelis de Bruijn (1652-1727).

smeltkroes-batavia-cornelis-de-bruijn
Cornelis de Bruijn Straattafereel (Rijksmuseum)

Andries Beeckman (?-1664) heeft de pasar of markt op de westelijke oever van de Grote Rivier geschilderd met het Kasteel op de achtergrond. We zien een Javaanse fruitverkoper, een Chinese vishandelaar, voetballende Molukkers, Japanners en Indiërs. De Mardijkers zijn herkenbaar aan hun gestreepte kleding, schoenen en hoed. In een van de bomen klimt een Javaan om kokosnoten te plukken.

Andries Beeckman Kasteel van Batavia circa 1661
Kasteel van Batavia, circa 1661 (Rijksmuseum)

Het Compagniespersoneel flaneert over de pasar met de bedoeling om gezien te worden. Dat was immers in Batavia heel belangrijk. Bijvoorbeeld de koopman of bestuurder met zijn Indo-Europese echtgenote of inheemse njai of concubine. Zijn slaaf achter hem met de pajong of zonnescherm onderstreept nog eens zijn voorname maatschappelijke status.

Compagnies Erfgoed afgebeeld

Beeckmans schilderij kreeg een prominente plaats in de vergaderzaal van de Heren Zeventien in het Oost-Indisch Huis op de Damstraat in Amsterdam. Natuurlijk met de bedoeling om de belangrijke positie van Batavia voor de VOC nog eens extra te bevestigen. Dat is op onderstaande gravure van Simon Fokke uit 1771 bovendien te zien.

De gravure van Fokke is een voorbeeld van representatie van Compagnies erfgoed.

beeckman in oost-indisch huis
Simon Fokke Vergaderzaal Oost-Indisch Huis, 1771 (Stadsarchief Amsterdam)

Woonhuizen

De nieuwe bewoners waren verrast bij het zien van Batavia. De Oost-Indische hoofdstad leek wel op Amsterdam of een andere belangrijke stad in het vaderland. Het stadhuis en Kruiskerk waren naar Amsterdams voorbeeld gebouwd. De grachtenhuizen met trapgevels leken op vaderlandse huizen. Maar ook weer niet. De ramen waren namelijk niet van glas voorzien, maar van een rasterwerk voor de ventilatie. Ook het dak met de overhang om het zonlicht te weren, was typisch voor Batavia. Op de daken van de huizen waren typisch Chinese versieringen aangebracht.

De huizen waren merendeels door Chinese arbeiders gebouwd met het bouwmateriaal dat met de schepen van de VOC naar Batavia was overgebracht. Het bouwmateriaal en gereedschappen waren voor de stabilisatie in het ruim van deze schepen opgeslagen. Natuurlijk was er ook lokaal bouwmateriaal gebruikt. of soms geïmporteerd uit andere Oost-Indische regio’s.

kasteel-compagniespersoneel-batavia
Joan-Nieuhof Tijgersgracht, 1682 (Atlas van der Hagen deel 4 Koninklijke Bibliotheek)

De huizen waren ingericht met meubels en voorwerpen die in Batavia of elders in Oost-Indië naar vaderlands voorbeeld waren gemaakt. Wie het zich financieel kon permitteren kocht spiegels en zilveren voorwerpen. Natuurlijk met de bedoeling om zijn voorname positie in de Bataviase samenleving nog eens extra te benadrukken. Deze voorwerpen maken deel uit van het Compagnies erfgoed.

interieur-compagnies-erfgoed
Jan Brandes theevisite in een Europees huis, 1784 (Rijksmuseum)

Schrijvers van reisverhalen waren onder de indruk van wat ze zoal zagen. Batavia deed volgens hen niet onder voor Amsterdam. Sterker nog, in de zeventiende eeuw ze vonden Batavia zelfs nog mooier.

Bataviase jeugd

Natuurlijk woonden er ook kinderen in Batavia. Ze zijn te zien op tekeningen en gravures. Hun vaders waren vaak Europeanen die voor de VOC werkten, hun moeders waren afkomstig van Java of een ander eiland. Maar er waren ook kinderen met Javaanse of Chinese ouders.

De kinderen zwierven op straat of vochten een robbertje met elkaar of met de leerlingen van de Chinese school op de Spinhuisgracht.

schoolkinderen-compagnies-erfgoed
Vechtende Bataviase en Chinese jeugd (F. de Haan Platenalbum)

De zonen van het Compagniespersoneel gingen naar particuliere scholen en ook naar de Latijnse school op de Tijgersgracht.

Op Zuiderweg Erfgoed is Jantje Brandes te zien. Op onderstaande afbeelding zit Jantje samen met Bietja, het dochtertje van huisslavin Flora, achter een foliant met het ABC. Zijn vader de Lutherse predikant Jan Brandes legde het tafereel vast.

kinderen-compagnies-erfgoed
Jan Brandes Jantje en Bietja achter foliant met ABC, 1784 (Rijksmuseum)

Van Batavia naar Jadebotabek

Aanvankelijk woonde het personeel van de VOC op het Kasteelterrein. Weldra verhuisden ze naar de ommuurde wijken ten zuiden van het Kasteel. Het personeel met de belangrijkste banen woonden het liefst op de belangrijkste gracht van Batavia, de Tijgersgracht.

Niet alleen op de oude kaarten maar ook op de huidige kaarten en plattegronden is de aanleg van het oude Batavia of kota nog steeds herkenbaar aan het karakteristieke gridstructuur en schaakbord- of roosterpatroon.

kaart van Batavia in vogelvlucht
Robert Sayer naar I. van Ryne Gezicht op Batavia, 1754 (Rijksmuseum)

Maar weldra was de ommuurde stad te klein maar ook ongezond. Daarom ontstonden er in de loop van de achttiende eeuw in het zuidwesten de wijken Weltevreden, Noordwijk, Rijswijk, Waterlooplein en Koningsplein. Waar typisch Bataviase thuynen of buitenhuizen werden gebouwd.

Verder naar het zuiden langs het Molenvliet ontstonden medio negentiende eeuw nog meer nieuwe woongebieden.

kaart-batavia-en-omgeving-compagnies-erfgoed
Kaart van Batavia Atlas van der Ham Koninklijke Bibliotheek

Tijdens het bestuur van gouverneur-generaal Daendels werd de Grote Kerk afgebroken. Eenzelfde lot ondergingen het Kasteel en de stadsmuur. Van de vroegere grandeur resteert nog een verzameling stenen.

kasteel-batavia-2021
Foto Jeroen van de Linden

Vanaf begin twintigste eeuw breidde de stad zich nog verder naar het westen, zuiden en oosten uit. Vanwege aanslibbing van de grond voor de voormalige kust kwam Batavia nog verder van zee te liggen, waardoor de stad zich ook naar het noorden kon uitbreiden.

In 1942 veranderde de naam Batavia in Jakarta en na de Japanse bezetting in Djakarta. Tegenwoordig is Jakarta zo uitgestrekt dat het bijna aan Depok, Bogor, Tangerang en Bekasi is vastgegroeid. Daarom wordt Jakarta nu ook wel Jadebotabek genoemd.

jakarta-jadebotabek
Jadebotabek (Trouw 19 juni 2021)
Verified by MonsterInsights

Door de site te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

Deze site is standaard ingesteld op “cookies toestaan”, om je de beste mogelijke blader ervaring te geven. Als je deze site blijft gebruiken zonder je cookie instellingen te wijzigen, of als je klikt op “Accepteren” hieronder, dan geef je toestemming voor het gebruik van Cookies.

Sluiten